Dit is de vader van Opa Verbeek, ook een Tieleman (1851-1921). Hij werd kleermaker, net als zijn vader, en had twee broers: Josephus en Francis. In 1877 trouwde hij met Maria van Bragt; zij overleed al 5 jaar later.
Hij bleef alleen achter (foto) met hun drie kinderen Casper, Mina en Riek. Tieleman is na het overlijden van zijn vrouw en hun laatste kind in 1884 naar Eindhoven verhuisd, en vervolgens in 1885 samen met Casper naar Waalwijk gegaan. De beide meisjes uit het eerste huwelijk zijn in 1884 naar het Liefdesgesticht St. Aloysius aan de Bindersestraat (nu Marktstraat) in Helmond gegaan. In dit ‘gesticht’ waren een school, weeshuis, bejaardentehuis en ziekenhuis gevestigd. Waarschijnlijk bestond er veel contact met het gezin van Josephus Verbeek. In 1886 hertrouwde hij met Catharina Johanna Maria van Dijck (“met ck”).
Tieleman werkt nu niet meer als kleermaker maar als naaimachine reparateur en vertegenwoordiger van naaimachines. Op 27 juli 1889 verhuist Tieleman met zijn gezin en moeder naar Amsterdam. De twee meisjes gaan in augustus ook daarnaar toe.
In totaal kreeg onze overgrootvader 3+12 kinderen waaronder Opa. De kindersterfte was hoog: vier kinderen hebben maar zeer kort geleefd. Hier enkele pagina’s over ‘de opa met de baard’ en zijn familie uit het Familieboek van Hanneke Verbeek. De oudste zoon (Oom Casper), halfbroer van Opa, vertelt op deze site uitvoerig over de wederwaardigheden in het gezin.
